CONCERTO FOR TAPDANCER AND ORCHESTRA

DE COMPONIST Het Concerto for Tapdancer and Orchestra werd in 1952 geschreven door de Amerikaanse componist Morton Gould, en was het eerste stuk geschreven voor tapdanser en (klein) symphonie orkest. Zijn idee was om de tapdanser echt als muzikant te benaderen. Een standpunt dat tot uiting komt in de opmerking vooraan de partituur dat de danser een zo klein mogelijk vloertje moet gebruiken.

HET CONCERTO De tapdanser is de solist in het stuk, en tevens het enige percussie in het orkest. Dat nodigt uit tot veel klank variatie, van lichte triangelige tikjes tot pauken-zware bas dreunen. Het concerto vraagt ook een creatieve input van de tapdanser. De ritmes zijn vaak precies omschreven, maar de tapdanser moet deze vertalen naar tap passen. Ik zoek daarbij naar die compbinaties die de ritmes zeggingskracht geven en lekker laten lopen. Dit kan je doen door frasering, klankkleur en accenten.
Naast deze precies genoteerde ritmes geeft Gould de tapdanser ook de vrijheid gegeven om versieringen aan te brengen en te improviseren. De solo cadenza in het eerste deel is bijvoorbeeld, en ik neem altijd de vrijheid om in het derde deel de ietwat saaie voorgeschreven tapritmes geheel terzijde te laten en te improviseren op de melodieen van het orkest.

MIJN EERSTE KEER Ik heb het concerto voor het eerst gespeeld met het symphonie orkest van Milaan, het Orchestre Symphonica di Giuseppe Verdi. Ik vond het verschrikkelijk spannend, het was eigenlijk toen het grootste concert dat ik tot dan toe gedaan had.
Vanuit Milaan kreeg ik zes weken voor het concert de partituur opgestuurd: zes A4-tjes vol met ritmes, en dat was alles! Ze hadden mij alleen de tap partij toegestuurd! Gelukkig kon ik via via een orkest partituur en oude opname krijgen, want zonder dat was het onmogelijk geweest. Je moet namelijk alles uit het hoofd doen, je kan als solist niet van blad staan te lezen...
Heel erg zenuwachtig stond ik zes weken later in Milaan, bij de eerste repetitie. De dirigent zwaaide het orkest aan... en ik vergat helemaal te tappen. Het geluid van een heel orkest helemaal om mij heen was ongelofelijk, zo mooi. Daarna werd het nog wel lastig, want het de muziek kwam opeens van alle kanten, in plaats van uit mijn twee speakertjes, dus ik herkende soms hele thema's niet. Maar uiteindelijk was het een geweldig concert en stonden na afloop in de foyer een heleboel Italiaanse kindertjes geweldig te stampen.
Daarna heb ik het concerto ook mogen dansen met het VU Orkest, o.l.v. Daan Admiraal , en met het Rotterdams Philharmonisch Orkest, o.l.v. Jan Stulen.

DE VOLGENDE KEER Het concerto is dit jaar onderdeel van het Nieuwjaarsconcert van het Limburgs Symphonie Orkest, weer o.l.v. Jan Stulen, in een programma met Amerikaanse stukken, o.a. gezongen door Roberta Alexander.